Als aanstaand Japan-ganger kun je het natuurlijk niet voorbij laten gaan als de kapel van de Japanse marine in de buurt muziek komt maken (iets met 150 jaar diplomatieke betrekkingen). En net als de Japanners neem ik dan het fototoestel mee:

Het klonkt overigens erg goed. Inclusief één slagwerker die in een Braziliaans liedje af en toe een schreeuw moest doen en daarna breed grijnzend het publiek in keek à la “hoorde je dat?!” En inclusief vrouwtje dat helemaal uit ‘r dak ging op de Japan-versie van “Heb je even voor mij”. Jep, uitgerekend dát liedje krijgen de Japanners van ons mee als “Nederlandse cultuur”…

En (omdat ik in de stemming was?) meteen een laptop gehaald, waarmee m’n spend-o-meter nu de 2000 euro is gepasseerd. Overigens ook m’n record geld-uitgeven-in-korte-tijd verbroken, want ik heb deze week ook een vliegticket gekocht.

Laptopje:

Laptop

Laptop

Filed under Voorpret. Date: 20 July 2008, 10:18 | 1 Comment »

Spannend tot de laatste dag, zo’n visumaanvraag. Vandaag per auto naar Den Haag. Parkeren bij de ambassade is gratis – als je een plek kunt vinden, want driekwart van de straat is afgezet met van die plastic betonblokken (jeweetwel). In de Thomas Asserlaan blijkt een heel rijtje ambassades te zitten. Ik heb Indonesië gezien, Frankrijk, Nieuw Zeeland, en vast nog wel andere landen. Stuk voor stuk imposante gebouwen, niet zelden enorm en in koloniale stijl uitgevoerd, met extra veel zuilen. Ook allemaal met een groot hek ervoor. Je moet je vooral niet te welkom voelen, lijkt het. En dan staat op de hoek de Japanse ambassade. In tegenstelling tot de andere gebouwen zonder zuilen, en mét een gevel die van gestapelde blokken gipsbeton gemaakt lijkt te zijn.

Omdat ik iets te lang voor de deur van het hek draal om te beslissen of dit de goede bel is om op te drukken komt de nep-marechaussee z’n hokje uit in volle tweetalige glorie: “goedemorgen, good morning.” Ik moet naar de andere ingang, 50 meter verderop. Bel ingedrukt.

> “Ik kom een visum aanvragen.”
< “Heeft u een paspoort bij zich?”

Dan ben je toch een beetje met stomheid geslagen. Welke hork neemt nu niet z’n paspoort mee als ie een visum komt aanvragen?

> “Ja.”
*zoemer*
*ik duw de deur open*

Aangekomen in het gebouw (ook met zoemerdeur) zit er nog een nep-marechaussee achter glas. Mijn paspoort mag door een doorgeefluikje en na een korte inspectie en het noteren van m’n naam mag ik ‘m weer terug. Ik moet m’n telefoon afgeven (?) maar ik ben ‘m thuis vergeten dus dat kan niet. Ik mag de derde zoemerdeur door. Linksaf en bij de balie op de bel drukken. Er komt een Japans vrouwtje aan (wederom achter glas). Heb ik het formulier al ingevuld? Nee, dan krijg ik ‘m nu. Vrouwtje weg, ik formulier invullen. Klaar. Bel indrukken. Nu een Nederlandse vrouw, dat leek ze denk ik handiger want die Japanse sprak geen Nederlands (?). M’n certificaat (zie vorige verhaaltje) en paspoort inleveren, en dezelfde middag mag ik m’n visum komen halen.

Vlak voor ik vertrek komt er een Japanse vrouw met dochtertje binnen en ze benadert de vrouw achter de balie met sumimasen (neem me niet kwalijk). Voor mij onbegrijpelijk, natuurlijk neemt ze het je niet kwalijk, daarvoor zit ze juist achter die balie! Overigens blijkt de Nederlandse nu ook vloeiend Japans te kunnen spreken. Ik bedenk dat misschien die Nederlandse vrouw mij kwam helpen omdat ik te bot “nee” heb gezegd tegen de Japanse medewerkster toen ze me vroeg of ik het formulier al klaar had, in plaats van “nou…. da’s een beetje…. misschien heeft u….” Ik besluit er niet meer over na te denken en vertrek.

De nep-marechaussee laat me ’s middags zonder vragen door alledrie de zoemerdeuren en vijf minuten later sta ik met m’n stoere visum in m’n paspoort weer buiten.

Thuis wachtte overigens een brief op me van het Dr. Hendrik Muller’s Vaderlandsch Fonds. Ze gaan me 1000 euro geven. Yeah!

Filed under Voorpret. Date: 16 July 2008, 15:16 | 3 Comments »

23  Jun
Het Japans

In het kader van de voorpret heb ik al een paar maanden Japans kunnen leren. Ik moet zeggen, het lijkt qua grammatica een beetje op een kruising tussen Engels, Nederlands, Spaans, Duits en Latijn (valt wel mee toch? :-P ), en qua vocabulaire lijkt het op helemaal niets dat ik ken. Maar verder is het heel goed te doen…
Nu maar hopen dat de Japanners me ook gaan verstaan; dikke kans dat ik hoe dan ook een dik accent heb, net zoals onze allochtonen. Ik vraag me af of imitaties van mij voor hun net zo grappig zijn als onze eigen buitenlander-imitaties voor ons zijn…

Qua schrift heb ik goed nieuws en slecht nieuws. Het goede nieuws is, ik hoef het alleen maar te kunnen lezen, want de kans dat ik een brief ga schrijven in het Japans is natuurlijk nihil. Het slechte nieuws is, ze hebben twee gelijkwaardige “alfabetten” van een stuk of 40 lettergrepen ieder (“kana“), en daarnaast nog zo’n 2000 kanji, karakters die een heel woord voorstellen. Een Japanner heeft tien jaar nodig om dat onder de knie te krijgen. Ik heb tien maanden. Het houdt me van de straat, zullen we maar zeggen.
Overigens heb ik ontdekt dat er een heel verschil is tussen een tekst kunnen ontcijferen en hem echt kunnen lezen. Met enige moeite kan ik nu van sommige stukken tekst achterhalen wat ze betekenen – maar daar doe ik dan ongeveer net zo lang over als een kind uit groep 4 van de basisschool over dezelfde tekst in het Nederlands zou doen. En dan ben ik nog erg dol op vreemde schriften, kun je nagaan! (ter vergelijking, steno leren lezen & schrijven kost een fractie van de tijd die Japans lezen & schrijven kost.)

Voor mij is het in ieder geval een leuke – en nuttige – uitdaging. Om je een beetje een idee te geven van de dingen die onder andere in mijn hoofd moeten belanden, laat de volgende eigenaardigheden maar even op je inwerken.

  • Het Japans gebruikt een soort variant op naamvallen die erop neerkomt dat je achter zo’n beetje elk woord een uitgang mag of moet plakken. “naar”, “en”, “met”, “dan”, “voor”, “om”, “omdat” – het zijn geen losse woorden, maar partikels.
  • Daarnaast mag je vóór sommige woorden óók nog dingen plakken (bijvoorbeeld “o-” of “go-” om extra beleefd over iets te praten).
  • En soms verandert (of verdwijnt) het werkwoord al naar gelang hoe beleefd je wilt zijn.
  • Het werkwoord komt achteraan. Dat klinkt heel makkelijk, totdat je zinnen met heel veel woorden voor je kiezen krijgt: “gisteren met mijn vader en mijn opa en een vriend met de metro naar de mooie tuin ben ik gegaan.” Een beetje yoda-speak, maar dan in het echt…
  • Woorden mogen uit alleen maar klinkers bestaan (en dat doen ze nog best vaak ook).
  • De lengte van een letter maakt uit(!). “iie” is nee, “ie” is huis. Rottiger wordt het als je de woorden voor “oom” (ook gebruikt voor willekeurige mannen op straat) en opa (ook gebruikt voor willekeurige oude mannen op straat) door elkaar gaat halen.
  • Om het nog even duidelijker te maken, laten de Japanners woorden weg die ze niet nodig vinden. Heel efficiënt natuurlijk, en dat spreekt me natuurlijk aan (;-)), maar wat een Japanner een duh-gevalletje vindt vind ik misschien wel handig om erbij vermeld te krijgen.
  • Je kunt zo ongeveer elke zin in vijftien (okee, ik overdrijf) verschillende niveaus van beleefdheid uitspreken. En in het algemeen geldt dat de langere versie van een woord beleefder is (sorry in het verleden tijd is langer dus beleefder). Voorbeeldje: het werkwoord zijn (of het Japanse woord dat het dichtst in de buurt komt): Je hebt da, desu en degozaimasu. Betekenen allemaal hetzelfde, maar dan net ietsje anders… Ook opzienbarend is de ontzettende hoeveelheid uitdrukkingen die “dankjewel” c.q. “sorry” kunnen uitdrukken.
  • En als klap op de vuurpijl is de kans dat ze m’n naam goed kunnen uitspreken verwaarloosbaar: lettergrepen mogen alleen op een klinker of ‘n’ eindigen. Dus niet op ’st’… Mijn naam zal wel iets van Yoo-su-tsu worden.

Maar goed, ik vind het tot nu toe heel erg interessant (“omoshiroi“) en ik hoop dat als ik eenmaal wat Japans spreek de rest van de cultuur wat makkelijker tot me zal doordringen. We zullen het zien….

PS: ik kwam zojuist het volgende hilarische schrijfsel over (het leren van) de Japanse taal tegen en ik kan het jullie niet onthouden: klikkie

Filed under Japans, Voorpret. Date: 23 June 2008, 16:39 | 5 Comments »

Voor wie, na het vorige bericht daarover, denkt dat een beursaanvraag veel werk is heb ik nieuws: een niet-toeristenvisum voor Japan is nóg meer werk (ondanks dat ik nog 3 A4-tjes met aanvullende informatie naar het HMVF heb opgestuurd).

Hoe werkt het namelijk? Een toeristenvisum is 3 maanden geldig (als je uit Nederland komt) en je mag twee keer per jaar op een toeristenvisum het land in. 3×2 is 6 en da’s niet genoeg, dus een toeristenvisum wordt het niet.
Dus we doen het volgende. RIKEN vraagt namens mij een Certificate of Eligibility aan bij de Japanse immigratiedienst. Die sturen ze per post op naar mij, daarmee ga ik naar de ambassade in Den Haag en dan krijg ik een visum. Dit doen we omdat het iets overtuigender is dat ik daar voor RIKEN ga werken als zij dat ook tegen de immigratiedienst zeggen. De aanvraag voor het certificaat moet gelardeerd worden met zoveel mogelijk info, zoals (hou je vast):

  • Wat m’n verblijf ongeveer gaat kosten
  • Hoe ik dat ga betalen
  • Bewijs van hoe ik dat ga betalen, zoals:
    • Bankafschrift van mij
    • Bankafschrift van mijn beide ouders
    • Verklaring van ouders dat ze me inderdaad geld gaan geven
  • Garantieverklaring van iemand (in dit geval mijn moeder), plus een bankafschrift om te bewijzen dat ze inderdaad iets aan die garantie hebben.
  • Velletje pasfoto’s
  • Kopie paspoort
  • Kopie BSc-diploma
  • Ondertekende brieven van de fondsen die me gaan subsidiëren, voorzover al beschikbaar
  • En een ingevuld formulier van RIKEN zelf. Het formulier is in het Engels vertaald – gedeeltelijk. De rest staat er gewoon in het Japans, dus ik heb weer lekker aan m’n leesvaardigheid kunnen werken.

En bij elk van deze documenten moet, als het document niet al in het Engels of Japans was, een vertaling naar het Engels als apart document worden bijgevoegd, en dat de Japanners het mooier vinden naarmate er meer handtekeningen en meer officieel uitziende stempels op staan.

Voor de helft van deze papierwinkel geldt dat het misschien ook wel zonder kan, maar als de immigratiedienst eenmaal gaat dwarsliggen gaat het allemaal nog langer duren. Zoals het CBR me twee keer op de harde manier heeft laten meemaken, is moeten wachten in sommige gevallen erger dan een boel geld moeten betalen (zo ervaarde ik het tenminste…), dus dat willen we graag voorkomen.

Gelukkig helpt rots in de branding Keiko-san me door de procedure heen, waarvoor ik haar heel dankbaar ben. Als vandaag m’n laatste in te scannen en op te sturen document per post arriveert hoop ik snel te kunnen melden dat ik het land in mag…

PS. Check hieronder een foto van het team waarin ik kom te werken. Gevonden op de website van RIKEN. Nee, ik weet niet wie Keiko-san is… Let vooral op het gebouwtje rechts achter de groep mensen (zie de satellietfoto!) en het “ronde” gebouw waar ze vlak voor staan. Het ziet er trouwens allemaal erg schoon uit!

The LSA Bioinformatics team

PPS. Ik heb ze even geteld. Ik heb nu in totaal 22 verschillende documenten naar Japan gemaild. Ongeveer driekwart van deze documenten ging vergezeld van een vertaling naar het Engels in een apart document, waardoor de teller van het totaal aantal e-mailbijlagen rond de 40 staat.

PPPS. Als klap op de vuurpijl wil de immigratiedienst ook de originelen hebben van allerlei afschriften & brieven. Het is voor het goede doel zullen we maar zeggen. Zowaar ook inspiratie voor een vergelijking tussen Japanse en Nederlandse procedures. Die houdt men nog van me tegoed.

PPPPS. (1-7-08) Het Certificate of Eligibility is toegekend! Sneller dan de mensen van de afdeling verwachtten eigenlijk. Nu duurt het een weekje of twee voor ik ‘m in huis heb (eerst wil RIKEN nog een briefje met handtekeningen etc. per post ontvangen), dan kan ik naar de ambassade en dan krijg ik coole officieel uitziende stempels enzo :-)

Filed under Nederland, Voorpret. Date: 5 June 2008, 12:44 | 2 Comments »

25  May
Google Earth

Bij gebrek aan fysieke aanwezigheid in Yokohama is er altijd nog Google Earth. Ik mag er dan zelf pas over 3 maanden aankomen, en je kunt van het privacybeleid van onze Amerikaanse vrienden vinden wat je wilt, maar satellietfoto’s van je toekomstige werkplek bekijken is toch leuk (dank u Eduard voor het idee).

Moet je kijken waar ik ga werken! Een instituut dat zulke gebouwen heeft moet toch wel vet zijn!?

RIKEN from above

Leuk detail: in een straal van ongeveer een kilometer rondom RIKEN liggen 2 (twee!) honkbalvelden (honkbal is een van de weinige buitenlandse woorden waarvoor een Japans woord is bedacht omdat de Japanners het zo leuk vinden). Dat u het even weet…

Filed under Nederland, Voorpret. Date: 25 May 2008, 16:08 | 3 Comments »

15  May
Doekoe!


Dingen zouden zo makkelijk kunnen zijn. Je wilt iets leuks doen dat erg duur is, en iemand wil jou daar geld voor geven omdat ze je om wat voor reden dan ook graag willen aanmoedigen dat te gaan doen. Dus je schrijft ze een brief waarin je zegt wat je wilt gaan doen, ze lezen die brief en geven geld.

Dat is tenminste het basisprincipe. Want ik heb ontdekt dat er eindeloos veel variaties op dat thema bestaan. Zoals te verwachten valt wil iedereen voordat ze geld geven wel weten dat ik serieus ben. Geen loze investering. En dus vragen zo om extra documenten. En dus moet ik die opzoeken, regelen of zelf schrijven en erbij doen.

Lullig genoeg heb je daar dus zowat een dagtaak aan. Zo had ik bijvoorbeeld nodig een aanbevelingsbrief van een studentendecaan. Ik wist bijkans niet eens dat er eentje was (blijken er vijf te zijn trouwens, op de hele universiteit), toch wel apart als ze zoveel waarde hechten aan een aanbeveling door een persoon die me de eerste vier jaar van m’n studie nooit heeft gezien omdat ie in een ander gebouw zit (sic). En, verrassing, alle documenten die naar dat fonds gaan wil de decaan ook zien, plus nog wat extra. Daar gaan we weer…

Boel papieren

Kijk voor de grap bijvoorbeeld even naar het fotootje hiernaast. Daar zie je 9 A4′tjes liggen, waarvan sommige dubbelzijdig of met nog een velletje eronder. Da’s niet zo heel bijzonder, maar als je bedenkt dat het precies goed krijgen van al die papieren al snel 1 Ã 2 uur kost voor elk van die 9 stapeltjes begin je wel een beetje te begrijpen dat ze altijd zeggen dat je heel erg op tijd moet beginnen met het regelen van zo’n stage. Check ook alle hippe VU-kippen en stempels en handtekeningen! :D

Gefrustreerd? Een klein beetje. Maar hey, voor gratis geld laat ik me een hoop welgevallen…

Overigens heeft de decaan in kwestie me uitstekend geholpen met m’n aanvraag, geen kwaad woord daarover dus.

Filed under Nederland, Voorpret. Date: 15 May 2008, 13:33 | 1 Comment »

18  Apr
Eerste bericht

Over een maandje of vier is het zover: de staatskas met 45 euro vliegtaks spekken, 10 uur in een vliegmachine doorbrengen en daarna 9 maanden in Japan stagelopen bij RIKEN, Yokohama.

Op deze pagina zul je t.z.t. over mijn Azië-avonturen kunnen lezen, dan weet je toch nog een beetje wat ik uitvoer in den vreemde, en dan kan ik meteen mijn Nederlands een beetje op peil houden.

Natuurlijk mag je me als je niet kunt wachten op de volgende blog-entry een mailtje sturen. Of je mag langskomen :D

Filed under Voorpret. Date: 18 April 2008, 22:00 | 1 Comment »

Next Entries »