In Nederland heb ik af en toe een dag nodig waarop ik aan helemaal niemand verantwoording hoef af te leggen. Een dagje niets doen, of alleen maar dingen waar ik zin in heb. Zo laat opstaan als ik wil, eten als ik honger krijg en naar bed gaan als ik moe ben. Het belangrijkste op zo’n dag: geen sociaal gedoe. Niemand die aandacht vraagt en/of dingen van me wil. Zo min mogelijk diepzinnige interactie met andere mensen.

Ik kan je vertellen, als jij ook iemand bent die hier zo nu en dan behoefte aan heeft, dan is een tijdje naar het buitenland zeker iets voor jou. Het enige dat ik hier “moet” is doordeweeks werken, en zelfs dat is bij RIKEN on-Japans flexibel in te delen. Een groot voordeel van Japan is dat de buitenlanders, de mensen die in hetzelfde schuitje zitten, in één oogopslag te herkennen zijn. En voor hen geldt vaak hetzelfde als voor mij: geen volle agenda. Dus als ik zin heb om ’s avonds of ’s weekends iets te gaan doen, dan leg ik mijn oor te luisteren of gooi ik een balletje op en binnen de kortste keren heb ik een avondvullend programma geregeld. En heb ik nergens zin in, no hard feelings, dan kan ik lekker de hele dag slapen, lezen, shoppen, internetten, enz. Geweldig.

Uitgaan of leuke dingen doen is hier ook anders dan in Nederland. Ter illustratie, een Japanse in de groep waarmee ik een keer uit bowlen was vroeg me “maar wat doen scholieren bij jullie dan, als ze niet gaan bowlen of naar de karaoke gaan?” De inkopper “bier zuipen” zag ze niet aankomen, want daarvoor moet je hier 20 zijn (!), maar ja, eigenlijk voeren Nederlandse schoolkids natuurlijk niets interessants als bowlen of zingen uit na school. Is te duur bij ons.

Maar er is nog een reden dat de kiddo’s zich na school niet gaan bezatten hier: het is duur. Als in echt duur. Koop je bij ons nog voor 8 euro een kratje Freddy’s in de aanbieding (7,50 als je mazzel hebt), hier heb je daar net een sixpackje voor in de supermarkt. Om maar te zwijgen over wat het in de horeca kost. Dan staat er echter wel iets tegenover: ge-wel-di-ge service. Je krijgt een zitplaats, en vervolgens mag je naar ieder personeelslid (en dat zijn er veel) sumimasen roepen om een bestelling te doen en als ze dan je bier komen brengen kondigen ze zichzelf eerst aan met shitsurei itashimasu: “ik bega nederig een onbeleefdheid.” En het bier mag dan prijzig zijn, het (uitstekende) eten is weer goedkoop vergeleken bij onze kroeg-biba’s: voor de twee tot zes euro waarvoor je hier een compleet minigerechtje geserveerd krijgt (de nederigheid zit bij de prijs inbegrepen) krijg je bij ons natuurlijk nog geen halve bitterbal.
Tot slot verwachten de Japanners geen fooi, sterker nog, ze snappen het hele concept niet. Als je ze teveel geld zou geven en zou zeggen “laat maar zitten” zouden ze je alsnog met wisselgeld achterna lopen. Dat scheelt toch weer in de kosten :D

Gisteravond toch iets anders dan de gebruikelijke izakaya-avonturen: we zijn naar een heus poolcafé geweest. In weerwil van zijn gebrek aan historische kennis – hij wist niet eens dat de Vikingen graag poolden en zich bij voorkeur op andermans bagagedrager lieten vervoeren, de barbaar – deed Eivind ons steil achterover slaan met zijn poolkunsten. Okee, soms was er mazzel bij, maar uit de resultaten bleek duidelijk dat hij keihard jokte toen ie zei dat ie het in geen tijden had gedaan… ;)
Gelukkig waren Je-Euh (Jean Etienne), Marina en ik ongeveer even slecht dus heb ik niet al teveel gezichtsverlies geleden.

Filed under Japan, Yokohama. Date: 1 November 2008, 23:05 | 4 Comments »

Gisteravond door Marina en Morana meegesleurd naar een okonimiyaki-place. Da’s ook een ervaring apart… Okonomiyaki zijn een soort ehm… gerechten. Ze zeggen dat het een kruising tussen een pannekoek en een omelet is, maar dat is onzin. Dus lees maar wat het is en oordeel zelf. Het restaurant is kotatsu-stijl: een kookplaat op je tafel. Bij dezen: de eerste 10-stappen webcursus okonomiyaki-eten.

  1. Bestel iets van de kaart. Dat krijg je aangeleverd in een soort kom.
  2. In de kom zitten alle ingrediënten bij elkaar, met een houten lepel elkaar. Hussel alles heel goed door elkaar, er zitten ook vloeibare dingen bij (ei), het moet een soort deeg worden.
  3. Pak één van de ondoorzichtige metalen potjes die op je tafel staan. Hopelijk pak je degene met de olie erin, anders mag je opnieuw proberen. Pak het kwastje en smeer de kookplaat flink onder.
  4. Dan maak je met het houten lepeltje een flinkje plak van je ingrediëntensmurrie en die druk je goed plat. Je weet dat je het goed doet als het eruit ziet als iets dat door de verkeerde uitgang je spijsverteringsstelsel heeft verlaten.
  5. Bak ‘m gaar. Halverwege even omdraaien met de bijgeleverde oversized plamuurmessen.
  6. Okee, hij is gaar. Pak nu het andere metalen potje met kwastje. Smeer de okonomiyaki flink onder de bruine stroperige smurrie die hierin zit (geen idee wat het is…).
  7. Pak een metalen potje zonder kwastje maar met mini-gaatje in de zijkant. Schud flink wat groene algendinges op je baksel. Pas als het eruit ziet als een grasveld is het goed.
  8. Pak het overgebleven ongemarkeerde metalen bakje. Hierbij hoort een soort pincetje. Gooi een berg schilfers uit dit potje op je creatie.
  9. Hak de okonomiyaki in evenveel stukken als er eters zijn met eerdergenoemde plamuurmessen en geef iedereen zijn stuk.
  10. Itadakimas! Omdat de Japanners koppig blijven volhouden in het gebruik van hun inferieure eetgerei maar er toch eigenlijk ook de nadelen wel van inzien krijgt iedere gast een mini-plamuurmesje om het eten wat hanteerbaarder te maken. Kunnen ze je net zo goed meteen mes en vork geven, maar dat doen ze dan weer niet…


Edit: O, bijna vergeten erbij te vertellen dat het -ondanks hoe het eruit ziet, maar dat geldt voor meer Japans eten- prima te eten is!

Filed under Yokohama. Date: 23 October 2008, 21:10 | 9 Comments »

Eindelijk is het zover. Oktober breekt aan. En daarmee mijn tijd in het Yokohama International Student House.

Ik had het me een beetje voorgesteld als een soort Uilenstede. YISH is namelijk een initiatief van de gemeente Yokohama. Maar daarmee houdt de vergelijking met Uilenstede (gelukkig) op.
YISH bestaat uit één (flink) gebouw, of eigenlijk uit alles vanaf de derde verdieping, want de eerste twee verdiepingen worden voor iets anders gebruikt. Na anderhalf uur fietsen over een stukje van 12 km vanaf mijn oude kamer kwam ik er aan. Geen wonder dat die Japanners allemaal opoefietsen-met-mandje hebben, het land is totaal ongeschikt voor het afleggen van échte afstanden per fiets (die anderhalf uur zat ‘m niet in de afstand of in mijn versnellingloze fiets, maar in de voor fietsers ronduit waardeloze infrastructuur en detectielusloze stoplichten).

Op de derde verdieping trof ik een receptie aan. Aldaar wachtten niet één, niet twee, maar minstens vijf medewerkers op ehm… werk. Zo werd ik verwelkomd door één vrouw, maar al snel kwam een andere vrouw helpen bij het inchecken. Arbeidsverschaffing ten top hier… Anyway, ik was er om half elf ’s ochtends maar mocht pas vanaf twee uur ’s middags inchecken. Op naar RIKEN…

Half drie. Joost terug. Sleutel gekregen, kamer 510 (over de kamer zelf later meer). Bed opgemaakt, de weinige spullen die ik op de fiets had meegezeuld uitgestald, en dan het internet uitproberen, want dat was echt een gemis op de vorige kamer. Nee nee, niet dat ik de hele dag ga lopen internetten, maar als ik online een Japans woord wil opzoeken moet ik twee trappen af en vier trappen op (enkele reis) en dat remt het leerproces toch een beetje…
Maar het netwerkkabeltje doet niks. Op de weg naar buiten zeg ik dat tegen een van de vrouwen achter de balie, ze babbelen snel wat met een paar andere medewerkers (wat die andere medewerkers er de rest van de dag doen is me echter nog steeds niet duidelijk) en vervolgens ga ik met (wederom twee) medewerksters in mijn kielzog weer naar boven. Ik versta ze op weg naar boven nog zeggen “ja hij werkt bij RIKEN, dan heeft ie wel fatsoenlijk internet nodig”, of iets van die strekking. :D
In de kamer ernaast hangt wat netwerkapparatuur (ja, “hangt”, aan touwtjes :D ) en na een inspectie concluderen we (Iees: ik) dat de kabel ergens stuk is. Niet getreurd, ik krijg gewoon de naastgelegen kamer (509), en dat bevalt me prima, want als nu m’n internet het niet doet kan ik het zelf maken. Overigens voor niks het bed in 510 opgemaakt. Sta je met je goede manieren… :D

De kamer zelf

Tot zover het avontuur van het inchecken. De kamer zelf is ook een stukje waard. Allereerst is ie ruim 2x zo groot als m’n vorige stek. Niet slecht… Standaard uitgerust met (iets groter) keukentje, (iets kleiner maar iets netter) badkamertje, wederom met spiegel waarin ik precies mijn schamele plukje borsthaar in model kan doen, airco, spiegel waarin ik wél m’n gezicht kan zien, megaveel kastruimte, televisie, koelkastje, bak met wegwerpeetstokjes, en een echt bed. Inderdaad, dus geen futon (Japans woord voor “oprolbaar-excuus-voor-een-echt-matras”) maar een echt bed. Wat zeg ik, onder het bed ligt nog een logeerbed waardoor ik als ik me écht wil uitsloven een tweepersoonsbed kan maken! Vanaf het balkonnetje uitzicht op een fraai kerkhof. Tafeltje, mini-bureautje, twee stoelen, en…. mega-waterkoker! Gaat iets meer dan drie liter in, en er zit een knopje op waarmee het er door een soort kraantje uitkomt. Gezien mijn theeconsumptie vermoed ik dat dat ding een goede vriend van mij gaat worden…

Genoeg geluld, jullie willen vast foto’s zien. Komt ie:

Officieel mogen bezoekers maar tot 10 uur ’s avonds blijven, maar dat geldt natuurlijk niet voor mij als er iemand een paar dagen overkomt. Tenminste, niet als ik het ze niet vertel :D Tegenover dit “strikte” bezoekersbeleid staat wel weer dat eenieder bij het passeren van de balie op weg naar binnen allervriendelijkst wordt verwelkomd met “o-kaerinasai” (welkom terug) en bij vertrek gedag gezegd met “itterasshai” (tot ziens, fijne dag nog, iets van die strekking). De geëigende antwoorden zijn overigens respectievelijk “tadaima” (ik ben er weer) en “itte kimasu” (ik ga en kom weer terug), maar aangezien de Japanners in het algemeen “hun” personeel/dienstverleners (dat traditioneel lager in rang is dan de klant en zich dus ultra-nederig gedraagt) volkomen negeren voor wat betreft beleefdheden vraag ik me af hoe goed ik geïntegreerd ben als ik dat zeg…

Het moge duidelijk zijn, het ziet ernaar uit dat ik het hier prima naar m’n zin ga hebben. De echte klapper bewaar ik voor het laatst: over twee maanden krijg ik hier een twee keer zo grote kamer. w00t!

Filed under Japan, Yokohama. Date: 30 September 2008, 22:29 | 4 Comments »

29  Sep
Yokohama by night

Speciaal met de fiets er op uit getrokken om deze foto’s te maken (en toch nog bewogen zijn hè :D )

Verder hier geprobeerd een mobieltje te kopen:

Maar niet gevonden (althans, niet pre-paid) en die mensenmassa werd ik zooo zat…

Tenslotte, uit de categorie “fatsoenlijk Japans snoep”: de Pocky-sticks. Juist ja, alleen een Japanner zou z’n snoep zo noemen, maar ze zijn heel goed te eten. Soort langwerpige koekstokjes met chocolade eromheen. Ofzo. Jum!

Morgen verhuizen naar het Yokohama International Student House, waar wél fatsoenlijk internet is. Hoera!

Filed under Algemene dingetjes, Japan, Yokohama. Date: 29 September 2008, 21:00 | 7 Comments »

Vette gadget van Google, niet? Als het goed is kijk je nu recht tegen “mijn” gebouw aan. De besturing wijst zich vanzelf, veel plezier op je digitale wandeling/rit door Naka-ku (het stukje Yokohama waar ik woon)!

View Larger Map

Filed under Yokohama, Zomaar. Date: 22 September 2008, 22:05 | 6 Comments »

Je had vast al gezien dat ik een beschrijving van mijn project heb geplaatst in de linkjes bovenin (onder de “stad”)? Zo nee, neem een kijkje, dan weet je wat ik ga doen hier.

Voor nu even een mini-update. Maandag twee Belgen ontmoet in het hostel en waarmee ik twee (en toen nog twee…) biertjes heb gedronken op de daktuin van datzelfde hostel (heel veel gebouwen hier hebben een daktuin, dat krijg je in een land met weinig ruimte…). Eigenlijk verblijf ik helemaal niet in dat hostel, maar als de front office dicht is en ik wil internetten dan moet ik toch wat… Eerlijk gezegd toch blij dat ik daar niet slaap (daar hadden ze de interesting experience of living in Japanese tiny room), want dat zou ik in het eerste plan de eerste twee weken doen; wat ik nu heb is zoveel beter… Anyway, gezellige avond, en uiteraard even met de mannen op de foto geweest.

Gisteren na het werk de welkomsborrel (jep, da’s drie in een week) bij RIKEN. Kimura-san maakte heerlijke pasta (inderdaad, ik heb pasta gegeten en vond het lekker :D ) en verder lekker relaxed wat gedronken en gepraat enzo. De snacks hier zijn geweldig. Een soort gedroogde bonen-chips (lekker!), gedroogde inktvis, gewone inktvis, Japanse mix zoals wij dat ook hebben maar dan lekkerder, gewone chips, etc. Wel allemaal erg goed te eten.

Tenslotte wil ik jullie het volgende niet onthouden. Had je al meegekregen dat Japan het land van de automaten (frisdrankautomaten, sigaretten, etc.) is? Zo nee, daar schrijf ik binnenkort ook nog wel een stukje over. Maar voor het zover is moet je dit zien. Een friet-automaat! In het RIKEN-gebouw! Gekke Japanners. Ik heb het nog niet aangedurfd…

Dusz...

Filed under RIKEN, Yokohama. Date: 10 September 2008, 17:55 | 3 Comments »

07  Sep
Yokohama verkennen

Zaterdag, vrij, tijd om Yokohama te verkennen. Eerst naar het postkantoor om geld te pinnen. Meer dan 100000 yen pinnen mag niet van het apparaat (dan zegt ie dat ik te weinig saldo heb!). Nouja, dan dat maar. Vervolgens op pad. Ik wilde naar een boekwinkel in een bepaalde straat om papieren voor de JLPT op te halen (da’s een test Japans voor buitenlanders, elk jaar in december), maar ik stapte op een ander station uit en ben toen daar maar gaan lopen.

Wat als eerste opvalt als je door Yokohama rondloopt? Het jaren ’80 design van de straten en winkels. In Nederland worden de gevels elke 10 jaar geüpdate, maar hier niet (net als in België bijvoorbeeld). Het zorgt een beetje voor een grauw geheel. De politiehokjes (niet te verwarren met politiebureaus, het zijn echt hokjes) hebben een rood zwaailicht boven de ingang – 80s style.

Bij het shoppen krijg je van alle kanten promotierommel in je handen gedrukt. Doorgewinterde Japanners keuren de uitdelers geen blik waardig en lopen met stalen gezicht door, maar ik moet nog integreren, dus ik heb nu een plastic waaier (eigenlijk best handig) en drie pakken zakdoekjes. Nouja, ’t is gratis…

In Yokohama staat het hoogste gebouw van Japan, de landmark tower. 69 verdiepingen, met op de bovenste een uitkijkpunt. 273 meter hoog. Voor 1000 yen mag je erin, dus ik ging maar eens kijken. Achteraf gezien had ik ’s avonds moeten gaan (voor de lichtjes), maar dit was ook leuk. De lift is mega-snel – je voelt het aan je oren en ziet het op de ingebouwde snelheidsmeter (nice!): 750 meter per minuut, of zo’n 45 kilometer per uur. Het uitzicht had beter kunnen zijn, kennelijk was het niet zo helder als het beneden leek. Toch foto’s gemaakt, want je zag alsnog wel veel; dus neem een kijkje!

In het onderste deel van de toren is een shopping-mall. Die is niet in 80s stijl – zie de foto’s.

Terug de trein in en doorgereden naar Yokohama-station. Daar zijn veel warenhuizen en die wilde ik ook weleens zien. Buiten het station staan zeker 50 taxi’s te wachten op een ritje. De warenhuizen zitten praktisch naast het station. Ik ben naar eentje gegaan, mega-bekakt en mega-duur (een soort Bijenkorf in het kwadraat). Maar op de bovenste verdieping (de 7e, maar die noemen ze hier de 8e) was dan weer een soort Koninginnedagmarkt. Allemaal koopjes (alleen vrouwenkleding, een mannenafdeling hadden ze gewoon niet) en een aantal handwerklui aan het werk (of aan het wachten op klanten). Ik heb stiekem één fotootje kunnen maken, voor de rest wilde ik niemand schofferen door er de toerist uit te hangen.

Op het dak is een daktuin, dat hebben meer gebouwen in Japan. Wereld-idee! Ze hebben zo weinig ruimte, dus ze gebruiken het dak voor extra oppervlakte. Die tuin was prima onderhouden trouwens.

Tenslotte een opmerking over winkelen in Japan. Het personeel is zoooo onderdanig. Altijd het über-beleefde taalgebruik, en als ze je iets aangeven doen ze het met twee handen, terwijl ze buigen. Geweldig! Je geeft het geld trouwens niet direct aan ze, maar legt het in een bakje, dan pakken zij het daaruit, en dan krijg je je wisselgeld. Vaak hebben ze een automatische geldtelmachine trouwens. De moderne techniek uit zich dus niet op een opvallende manier: in de openbare ruimte is alles gammel, maar in de winkel hebben ze weer dat soort gadgets. Nouja.

Nog wat filmpjes voor de liefhebber:
1 2 3

’s Avonds een supermarkt gevonden, vlak achter “mijn” treinstation! Geweldig veel en heerlijk uitziende vis voor spotprijzen. Vergeleken bij Nederland ben. Ik ben echter opgescheept met een eenpitskeuken met één kookpan (geen koekenpan) dus het werd een bakje risotto voor in de magnetron. Dat was zo’n beetje het enige eenpitsvoer waarvan ik de gebruiksaanwijzing begreep… En een zak met 11x soep erin. ’s Kijken of dat wat is. De risotto was heerlijk, maar het zag er op het plaatje allemaal groter uit :D Ben allang blij dat het gelukt is zelf wat te eten te maken. In Nederland gaat dat natuurlijk al jaren prima, maar daar heb ik een echte keuken en ben ik geen analfabeet (wat moet dát klote zijn trouwens, als je écht analfabeet bent. Kudos voor prinses Margriet (die was het toch?)).

Verder besloeg de oogst van vanavond een fles Pocari Sweat (yep…) en een flinke zak rijst. Naast de supermarkt zit trouwens ook een bakker: hoera voor fatsoenlijk ontbijten!

Filed under Japan, Yokohama. Date: 7 September 2008, 10:08 | 7 Comments »

Next Entries »