In Japan hebben mannen een… apart leven. Als ze in dienst zijn van een groot bedrijf tenminste. Er wordt van je verwacht dat je zeker 10, zo niet 12 uur per dag werkt, en daarna is het dikwijls ook nog vrijmibo (of mamibo, dimibo, etc) op kosten van de baas. Resultaat: het is na twaalven en je hebt de laatste trein gemist, want zo vroeg stoppen ze er al mee hier… Gelukkig heeft de Japanse samenleving een aantal creatieve oplossingen bedacht voor die rare treinschema’s. Eén daarvan, het capsule-hotel, stond al een tijdje op mijn lijstje met dingen om een keer te doen hier.
Voor mijn nachtje in Nagoya had ik me voorgenomen in zo’n capsule-hotel te slapen, en dat is gelukt… wat een ervaring. In een capsule-hotel heb je geen kamer maar een hokje, een capsule. Slapen en weer wegwezen is het devies. Ik kwam op de zevende verdieping van een gebouw in een matige buurt de lift uit en werd in koor begroet door de mensen achter de balie (“irrashaimase!”). Gekozen voor het “pakket” waarbij je behalve van je kamer gebruik mag maken van het badhuis op de vierde verdieping, dat leek me wel zo handig. Na het betalen (ik hoefde geen paspoort af te geven, maar wel 3300 yen; jeugdherberg K’s House was dan goedkoper én leuker… maar minder buitenaards) werd ik begeleid naar een ruimte met allemaal (iets te kleine) kluisjes, daar kon ik mijn spullen in stoppen en een blauwe “pyjama” aantrekken. Ik liep door een woonkamer met banken vol rokende mannen van middelbare leeftijd (het hotel is alleen voor mannen). In koddige blauwe pyjama’s, net een club. Achter de glazen klapdeuren bevond zich het raarste “hotel” dat ik ooit gezien heb. Ik had wel foto’s gezien, maar in het echt is het indrukwekkender. Een stuk of vijftig hokjes, twee op elkaar. In mijn hokje (nummer 7220) vond ik een tv-tje, een radio en nog wat dingen die heel hip waren toen het hotel werd gebouwd maar nu niet meer zo bijzonder zijn. Draadloos internet schitterde helaas door afwezigheid (maar dat leverde me weer een andere ervaring op, zie verderop).
Na even rondlopen gaan nog veel meer dingen opvallen. Ten eerste dat ik als een gek word aangestaard. Dit is het meest buitenaardse hotel dat ik ooit heb gezien, maar ikzelf word bekeken alsof ik een alien ben! Hmpf. Dito in het badhuis, mensen kijken op omdat je in hun ooghoek verschijnt, kijken weg en dan draaien ze hun hoofd verschrikt weer naar je om als ze zich ineens realiseren dat ze net een gaijin zagen. Gratis tandenborstels, scheermesjes en scheerschuim in het badhuis, maar gek genoeg geen tandpasta. Om het onverwacht buiten de deur slapen nog aangenamer te maken is er van alles te doen (zowel in het badhuis als in het hotel). Videospelletjes, roken, nog meer roken, schoon ondergoed en sokken kopen (!), bier drinken uit de automaat of een krant of stripboek lezen (de stripboeken hebben allemaal een halfontkleed getekend vrouwtje op de voorkant – netjes aangepast aan de doelgroep…). Het “badkamertje” in het hotel heeft kleine echte handdoekjes voor eenmalig gebruik, in plaats van die gare rollen katoen die je weleens in openbare gelegenheden hebt.
Geïnternet heb ik uiteindelijk in het mangakoffiehuis (mangakissa) om de hoek. Hoewel ze oorspronkelijk alleen waren bedoeld voor het lezen van stripboeken onder het genot van een drankje kun je er nu van alles doen. Lezen, tv of video’s kijken, internetten, en vast nog wel meer. Je betaalt per uur en alle drankjes zijn gratis (maar non-alcoholisch natuurlijk). Alleen voor eten moet je extra betalen; het basistarief is drie euro per uur maar het wordt minder als je langer blijft. Want daar zit het hem in: een beetje mangakissa is 24 uur per dag open. Dat betekent dat als je de laatste trein mist je ook daar kunt slapen (en dat doen ze dan ook). Raar, slapen in een koffiehuis? Wacht maar tot je er een van binnen ziet (of zie de foto’s!
). Ze hebben privé-hokjes! Wist ik voor gisteren ook niet… En de stoelen in die privé-hokjes zijn mega-relaxed – daar valt dus prima in te slapen.
Terug naar het capsule-hotel, daar werd ik na een tukje in de eigenlijk iets te kleine capsule (langer dan mijn 1.80 wil je echt niet zijn!) ’s ochtends om 7:50 wakker gemaakt door een medewerker die me erop wijst dat ik voor half negen in bad moet als ik wil badderen. Huh? Ik ben gisteravond toch al geweest? Nouja, ik ben toch al wakker en ga dus maar nog een keer in bad, en daarna snel (en extra schoon) de wijde wereld in. Want grappig als de ervaring mag zijn, de Capsule Inn in Nagoya is niet een plek waar ik voor m’n plezier langer blijf dan strikt noodzakelijk. Veertigers en vijftigers die me (achter m’n rug en soms per ongeluk in m’n gezicht) aankijken alsof… ja, wat eigenlijk? Het klopte in elk geval niet. Ik ben een leuke ervaring rijker, maar de volgende keer dat ik el cheapo ergens moet slapen wordt het een jeugdherberg of mangakissa!
Nagoya
Na het vroege opstaan had ik lekker veel tijd voor Nagoya, maar uiteindelijk bleek ik het niet eens allemaal nodig te hebben. Dat is niet om te zeggen dat er niks te zien was. Het kasteel van Nagoya was erg mooi. Van buiten tenminste, want het was in de jaren vijftig herbouwd en binnenin kon je zien dat het nieuw was en dat is natuurlijk minder leuk. Voordeel daarvan was wel dat ze binnen goeie elektriciteitsaansluitingen e.d. hadden en dat ze dus een mooie tentoonstelling hadden kunnen opbouwen. De tuin van het kasteel was ook mooi, en er werden nog wat planten tentoongesteld op het pad naar het kasteel.
Daarna ben ik nog naar het Tokugawa kunstmuseum gegaan. Dat lag een beetje uit de richting dus ik ging met de bus. Hoewel dat het meest buitenlanderonvriendelijke vervoersmiddel van het land is ging het zowaar in één keer goed *trots*. Het museum had een aantal mooie exposities maar daarnaast wel erg veel kalligrafie – en ik kan dat oude Japans allemaal toch niet lezen dus zo interessant is dat voor mij niet. Tokugawa Ieyasu was trouwens de eerste shogun (militair heerser) van Japan. Heel het land loopt met hem weg omdat hij het land verenigd zou hebben, en het wordt hem gevoeglijk vergeven dat ie er een aantal bijzonder wrede gewoontes op nahield. Toegegeven, onze kruisvaarders waren ook geen lieverdjes, maar wij gedenken ze in ieder geval als de slagers die het waren en niet als helden…
Tenslotte heb ik de Osu Kannon nog bekeken, een grote en druk bezochte boeddhistische tempel in het zuiden van de stad. Volgens mij kwam het meeste bezoek trouwens vooral omdat het gratis was en vlak naast een drukke winkelstraat. Met, je raadt het nooit, een capsule-winkel! Allemaal superkleine winkeltjes in één gebouw. Nu, om zes uur, zit ik alweer in de trein naar huis. Moe maar voldaan, en met nog zo’n twee weken te gaan…
May 18th, 2009 at 6:36
Die capsule hotels lijken me wel erg interessant, maar ik was al bang dat de capsules te kort zouden zijn voor mijn lengte. Waarom had je niet gevraagd of je met een paar van die rokende mannen op de foto mocht?
Overigens was Tokugawa Ieyasu helemaal niet de 1e shogun. Hij was slechts de 1e shogun van de Tokugawa famillie, maar hij had inderdaad het land HERenigd.
May 18th, 2009 at 9:37
Overwhelming capsule hotels!!!!
Well done mate!
You know what? I missed the golden statues in Nagoya…were they inside Osu Kannon?
Didn’t enter any temple actually, just wandered ouside.
Hey, all together the pix say you had a great vacation.
M.
May 18th, 2009 at 15:43
Truth be told heb ik niet meer dan een vluchtige interesse in de Tokugawa’s. Heel Japan loopt met ze weg, maar ik vind het slagers en dus mijn verering benaderende interesse (zoals de Japanners die hebben) niet waardig. Vandaar
And yep, the statues were inside Osu Kannon. And yep, vacation was niiice